Gebruik van de vlieger

 



Vliegeren kun je in je eentje, maar vaak is het handig om een tweede persoon mee te nemen. Om te beginnen rol je een meter of 10 af en leg je de vlieger op de grond of nog beter, je laat iemand met de vlieger in de hand zo ver van je afstaan dat het touw strak gespannen is. Zodra de wind gunstig is kun je beginnen te rennen. Wordt de vlieger eenmaal ‘opgepakt’ door de wind dan kun je touw laten vieren en de vlieger zo hoog op laten stijgen als je zelf wil. Mocht de wind wat minder worden, begin dan te ‘pompen’ om de vlieger in de lucht te houden. Pompen = touw wat inhalen en rustig, maar gelijkmatig het touw richting de vlieger en de haspel op en neer trekken (hopelijk is dit duidelijk).
Om de vlieger veilig te laten landen moet de wind wat minder worden of men moet de vlieger uit de wind trekken. Niet te snel, anders zal de vlieger neer storten. Terwijl men uit de wind draait, rustig het touw inhalen en het laatste stukje de vlieger rustig neer laten komen.




Andere artikelen:

 

 

Nieuwsbrief



Joomla Extensions powered by Joobi

Website is onderdeel van

Wepa flyer